Opvallend is dat Nederland deze internationale verdragen ook heeft ondertekend.Twee voorbeelden:
In 1994 tekende de toenmalige minister van Onderwijs, Jo Ritzen, het ‘Salamanca Statement’. Dit Statement gaf duidelijk aan dat ‘reguliere scholen het meest effectieve middel zijn om discriminatie tegen te gaan, toegankelijke gemeenschappen te creëren, een inclusieve samenleving te vormen en te garanderen dat alle kinderen onderwijs kunnen volgen’ (Unesco 1994: artikel 2.5). Deze verklaring roept alle regeringen die hem ondertekenden op ‘het principe van inclusief onderwijs over te nemen, tenzij er zwaarwegende redenen zijn om in individuele gevallen hiervan af te wijken.
Nederland heeft op 30 maart 2007 in New York de Verklaring van de 'Rechten van de Mens met een Beperking' getekend. Hieronder volgen enkele passages uit artikel 24 van deze verklaring:
“De Staten die Partij zijn erkennen het recht van personen met een handicap op onderwijs. Teneinde dit recht zonder discriminatie en op basis van gelijke kansen te verwezenlijken, waarborgen Staten die Partij zijn een inclusief onderwijssysteem op alle niveaus en voorzieningen voor een leven lang leren. Bij de verwezenlijking van dit recht waarborgen de Staten die Partij zijn dat:
- personen met een handicap niet op grond van hun handicap worden uitgesloten van het algemene onderwijssysteem, en dat kinderen met een handicap niet op grond van hun handicap worden uitgesloten van gratis en verplicht basisonderwijs of van het voortgezet onderwijs;
- personen met een handicap toegang hebben tot inclusief, hoogwaardig en gratis basisonderwijs en tot voortgezet onderwijs en wel op basis van gelijkheid met anderen in de gemeenschap waarin zij leven;
- redelijke aanpassingen worden verschaft naar gelang de behoefte van de persoon in kwestie;
- personen met een handicap, binnen het algemene onderwijssysteem, de ondersteuning ontvangen die zij nodig hebben om effectieve deelname aan het onderwijs te faciliteren;
- doeltreffende, op het individu toegesneden, ondersteunende maatregelen worden genomen in omgevingen waarin de cognitieve en sociale ontwikkeling wordt geoptimaliseerd, overeenkomstig het doel van onderwijs waarbij niemand wordt uitgesloten.
Over het begrip ‘personen met een handicap’ wordt in de preambule van de verklaring het volgende opgemerkt: 'Erkennend dat het begrip handicap aan verandering onderhevig is en voortvloeit uit de wisselwerking tussen personen met functiebeperkingen en sociale en fysieke drempels die hen belet ten volle, effectief en op voet van gelijkheid met anderen te participeren in de samenleving.'
In veel landen heeft de invoering van inclusief onderwijs geleid tot daling van het aantal leerlingen in het speciaal onderwijs. Nederland kent echter meer een zorgtraditie dan een traditie van gelijke rechten op het gebied van onderwijs. Om deze reden is de invoering van inclusief onderwijs wellicht nu nog een brug te ver. Met het omarmen van passend onderwijs doet de Nederlandse overheid wel een grote stap in de richting van inclusief onderwijs.
